Nederlandse digitale overheid staat hoog genoteerd in EU
Nederland staat op plek acht van alle EU-lidstaten in de eGovernment Benchmark 2026.(link naar andere website) Daarmee is het de best presterende lidstaat met meer dan 15 miljoen inwoners. Digitale soevereiniteit en internationale dienstverlening blijven de grootste uitdagingen.
Dat blijkt uit de nieuwste editie van de EU Digital Economy and Society Index (DESI). Daarin meet de Europese Commissie jaarlijks hoe lidstaten presteren op digitalisering. Nederland scoort hoog op digitale publieke diensten, cybersecurity, digitale infrastructuur en het gebruik van digitale middelen door burgers en bedrijven.
Sterke basis, maar achterstanden in digitale vernieuwing
Dat Nederland goed presteert op digitale dienstverlening is niet nieuw. Eerdere analyses lieten al zien dat Nederland boven het EU‑gemiddelde zit. Tegelijk zijn er ook achterstanden in digitale vernieuwing en adoptie van AI binnen de overheid.
De technologische basis is goed op orde. Vooral cybersecurity springt eruit: 79% van de Nederlandse overheidswebsites voldoet aan gangbare securitystandaarden, tegenover gemiddeld 47% in de EU. Dat komt door actieve monitoring en het toetsen van de veiligheid achter publieke websites. In veel andere landen is cybersecurity juist een zwak punt.
Digitale soevereiniteit als groeiende opgave
De benchmark wijst digitale soevereiniteit aan als een van de grootste uitdagingen. Meer dan de helft (56%) van de Nederlandse overheidswebsites draait op infrastructuur van niet‑Europese aanbieders. Datacenters staan soms fysiek in Europa, maar de onderliggende technologie is vaak niet‑Europees.
EU‑breed draait ruim een derde van de overheidswebsites op servers die uiteindelijk buiten de EU worden beheerd. De discussie past in een bredere Europese trend om minder afhankelijk te worden van Amerikaanse en Chinese technologie.
Grensoverschrijdende dienstverlening moet verder groeien
Het tweede grote vraagstuk is grensoverschrijdende dienstverlening. Diensten die goed werken voor nationale gebruikers moeten beter toegankelijk worden voor internationale gebruikers. Daarvoor zijn interoperabele oplossingen nodig rond eID’s, digitale wallets en het uitwisselen van diploma’s en persoonlijke documenten.
Kwaliteit wordt steeds belangrijker
Naast de EU‑doelstelling dat alle 96 gemeten publieke diensten in 2030 online beschikbaar moeten zijn, verschuift de aandacht naar kwaliteit. Nederland loopt voorop in webtoegankelijkheid. AI en chatbots kunnen de digitale toegankelijkheid vergroten, maar zijn vaak nog onvolwassen. De uitdaging zit volgens het onderzoek niet in meer technologie, maar in begrijpelijke en bruikbare dienstverlening.