Coalitieakkoord 2026: Digitale soevereiniteit versus AI-hype
In het vers gepresenteerde coalitieakkoord van 2026 zet de nieuwe regering vol in op digitale autonomie en een drastische hervorming van de rijks-ICT. Expert Bert Hubert (foto) analyseert de plannen en ziet een mengeling van "zoet en zuur": van een broodnodige gecentraliseerde aanpak van de overheidssystemen tot een bijna ongebreideld, en mogelijk ongefundeerd, optimisme over kunstmatige intelligentie (AI).
Een revolutie in de Rijks-ICT
Een van de meest opvallende punten in het akkoord is de aangekondigde "revolutie" binnen de ICT van de Rijksoverheid, aldus Hubert. Waar ministeries en overheidsinstanties tot nu toe vaak hun eigen koers voeren—mede gesteund door Artikel 44 van de Grondwet—moet er nu een einde komen aan deze vrijblijvendheid.
Er komt een centrale aansturing vanuit het ministerie van Binnenlandse Zaken (BZK), inclusief centrale inkoop en verplichte standaarden. IT-projecten boven de 5 miljoen euro krijgen pas financiering als zij aan deze centrale eisen voldoen. Hubert spreekt van een "zware dobber" voor BZK, dat hiermee een aanzienlijk grotere broek aantrekt dan voorheen.
Onderdeel van deze koerswijziging is de oprichting van een Nederlandse Digitale Dienst. Deze compacte, deskundige club moet de overheid ondersteunen bij digitalisering en krijgt "doorzettingsmacht" om keuzes af te dwingen.
Digitale autonomie en de "Microsoft-out" test
De coalitie steekt haar ambitie om minder afhankelijk te zijn van Amerikaanse Big Tech niet onder stoelen of banken. Digitale autonomie wordt het uitgangspunt. In het akkoord wordt expliciet gesproken over het afbouwen van strategische afhankelijkheden in de cloud en cruciale systemen.
Om de weerbaarheid te testen, introduceert het akkoord "nationale stresstests". Hubert pleit hier al langer voor: een zogeheten "Microsoft-out" oefening om te kijken wat er nog functioneert als Amerikaanse cloudproviders plotseling wegvallen. "We zijn nu zover dat op veel plekken je badge de deur niet eens meer open krijgt als Microsoft Azure Entra ID down is," waarschuwt Hubert.
De "AI-handgranaat"
Terwijl de plannen voor autonomie op lof kunnen rekenen, is Hubert kritischer over de passage over kunstmatige intelligentie. Het akkoord ademt een ongekend enthousiasme: van AI-fabrieken in Noord-Nederland tot het gebruik van AI voor betere voedselproductie en het oplossen van uitvoerbaarheidsproblemen bij de overheid.
Hubert noemt het een "blind geloof". Hoewel hij de kracht van de technologie erkent, waarschuwt hij dat AI ook een "handgranaat" kan zijn voor de economie, de samenleving en het klimaat vanwege het enorme energieverbruik en de kosten. Hij zet vraagtekens bij het kopiëren van Amerikaanse modellen en pleit in plaats daarvan voor investeringen in "Next Generation AI", vergelijkbaar met de aanpak van het Duitse agentschap SPRIN-D.
Cybersecurity en handhaving
Op het gebied van veiligheid kondigt de coalitie diverse maatregelen aan:
Centrale regie op cybersecurity: Om versnippering tegen te gaan.
Capaciteit bij de politie: Meer cyber- en zedenrechercheurs (een plan dat Hubert "uitstekend" noemt).
Actieve cyberverdediging: Een nog wat vage term die wijst op offensieve vermogens tegen buitenlandse dreigingen.
Leeftijdsverificatie: Een Europese minimumleeftijd van 15 jaar voor sociale media. Hubert merkt hierbij op dat dit betekent dat iedereen zijn leeftijd zal moeten bewijzen, niet alleen jongeren.
De ontbrekende miljarden
Ondanks de grote woorden over een "digitaal bewindspersoon" en technologische nicheposities, blijft één cruciaal onderdeel onbelicht: het geld. In de gepubliceerde budgettaire tabellen ontbreken specifieke bedragen voor digitalisering. Bovendien wijst Hubert op een misvatting over ICT-salarissen. Het akkoord wil de Wet normering topinkomens (WNT) versoepelen om talent aan te trekken, maar volgens Hubert zit het probleem niet bij de absolute topinkomens, maar bij de waardering en inschaling van ervaren technici in de lagere en midden-schalen.
Conclusie
Het coalitieakkoord van 2026 toont een overheid die eindelijk de regie over haar eigen digitale lot wil opeisen. De koers naar Europese alternatieven en centrale sturing is hoopgevend, maar het succes zal vallen of staan met de daadwerkelijke financiering, de uitvoering door BZK en het vermogen om de AI-hype te filteren tot werkbare, duurzame oplossingen.