Wouter Hoeffnagel - 17 juni 2026

EU-wetgeving biedt onvoldoende bescherming tegen online surveillance door bedrijven

Elke klik, scrollbeweging en zoekopdracht op het internet laat sporen achter. Zelfs de strengste Europese privacywetten onvoldoende bescherming bieden tegen de groeiende invloed van online surveillance en gerichte reclame. Privacyrechten gelden anders voor private bedrijven dan voor overheden, wat de bescherming van burgers verzwakt.

EU-wetgeving biedt onvoldoende bescherming tegen online surveillance door bedrijven image

Dit blijkt uit onderzoek van rechtswetenschapper Ana-Maria Hriscu van de Tilburg University. Online adverteren is steeds afhankelijker van het verzamelen van persoonsgegevens om gedrag te voorspellen en te beïnvloeden. Dit beïnvloedt niet alleen wat mensen online zien en kopen, maar ook hoe zij denken en zich voelen. Onderzoek koppelt deze praktijken aan manipulatie, discriminatie, verslaving en psychische gezondheidsproblemen.

In Nederland kwam recent aan het licht dat TikTok op grote schaal gegevens verzamelde over activiteiten van Nederlandse gebruikers, zelfs buiten de app. Deze gegevens werden opgeslagen op servers in landen met minder strenge privacywetgeving, zoals China.

'Je kunt geen betekenisvolle toestemming verwachten'

In haar proefschrift Domination by default betoogt Hriscu dat het huidige internet is ingericht op een systeem dat bewust gedrag van mensen volgt op een onvoorspelbare manier. Hierdoor is het technisch niet mogelijk – of vanuit het perspectief van bedrijven niet wenselijk – om gebruikers volledig te informeren over het gebruik van hun gegevens en de gevolgen daarvan.

Hriscu: “Omdat surveillance onvoorzienbaar is, kunnen we niet verwachten dat mensen op betekenisvolle wijze toestemming geven voor iets wat zij niet kunnen weten en niet kunnen voorzien.”

Hoewel de Europese Unie privacy en gegevensbescherming als grondrechten erkent, beperken deze rechten het verdienmodel achter surveillancegerichte advertenties niet effectief. Europese privacyrechten worden vaak benaderd vanuit het perspectief van consumentenkeuze, waarbij gebruikers zichzelf zouden moeten beschermen als zij goed geïnformeerd zijn. Volgens Hriscu legt dit te veel verantwoordelijkheid bij individuen en wordt de structurele macht van grote digitale platforms genegeerd.

Economische belangen op hetzelfde niveau als privacyrechten

Een belangrijk verschil is dat privacyrechten strenger worden toegepast wanneer overheden betrokken zijn dan wanneer private bedrijven dat zijn. Overheden worden onder het mensenrechtenrecht geconfronteerd met strikte beperkingen, terwijl de economische belangen van bedrijven op hetzelfde niveau worden geplaatst als de privacyrechten van burgers. Dit verzwakt de bescherming tegen surveillance door machtige technologiebedrijven en vermindert de mogelijkheid om hen ter verantwoording te roepen.

Hriscu pleit voor sterkere wettelijke verplichtingen voor bedrijven die aanzienlijke invloed uitoefenen op de vrijheden van mensen, om privacy- en gegevensbeschermingsrechten te beschermen. Zij roept Europese instellingen op om grondrechten sterker te laten gelden voor machtige private actoren en benadrukt de noodzaak van een publiek debat over alternatieven voor surveillancegerichte advertenties, zoals contextuele advertenties.

Nerdio BW + BN Schneider Electric BN+BW
Nerdio BW + BN

Wil jij dagelijkse updates?

Schrijf je dan in voor onze nieuwsbrief!