Hard oordeel over IT in de zorg: Megaprogramma VWS flopt
Het prestigieuze digitaliseringsprogramma 'Implementatie Generieke Functies' (IGF) van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) heeft de afgelopen drie jaar amper resultaat geboekt. De ambitieuze plannen dragen in hun huidige vorm 'nauwelijks bij' aan het verbeteren van de zorgkwaliteit. Dat concludeert het Adviescollege ICT-toetsing (AcICT) in een vernietigend rapport. Het college adviseert het ministerie om de stekker uit vrijwel het gehele programma te trekken en over te stappen op een drastisch andere aanpak.
Het programma IGF werd opgetuigd om de digitale gegevensuitwisseling in de zorgsector te stroomlijnen. Dit had moeten gebeuren via zes centrale basisfuncties, zoals digitale identificatie, toestemming en adressering. Het uiteindelijke doel van deze operatie, vastgelegd in het Integraal Zorgakkoord (IZA), is het verhogen van de patiëntveiligheid en het realiseren van een jaarlijkse besparing van 340 miljoen euro vanaf 2029. In de zorgpraktijk worstelen tienduizenden zorgaanbieders en meer dan 400 verschillende ICT-leveranciers echter al jaren met een versnipperd landschap van lokale en regionale IT-oplossingen.
Bestuurlijke onmacht en onrealistische doelen
Volgens het Adviescollege is er de afgelopen drie jaar bitter weinig terechtgekomen van de beloften die VWS in het zorgakkoord deed. De onderzoekers wijzen daarvoor meerdere oorzaken aan. Allereerst zijn de IZA-doelstellingen veel te ambitieus geformuleerd, wat de feitelijke voortgang juist heeft verlamd. Daarnaast gaven de interne beleidsdirecties die verantwoordelijk zijn voor de Wet Gegevensuitwisseling in de Zorg (Wegiz) het IGF-programma veel te weinig sturing. Ook de interne aansturing binnen de directie Informatiebeleid (DI/CIO) schoot ernstig tekort. De overkoepelende conclusie is hard: VWS slaagt er simpelweg onvoldoende in om de regie te pakken over het eigenwijze zorgveld, waar partijen uit eigenbelang vaak vasthouden aan hun reeds gedane ICT-investeringen.
Het advies van het AcICT is dan ook rigoureus: stop onmiddellijk met alle lopende IGF-activiteiten. Alleen de specifieke projecten 'Dezi' (veilig inloggen in de acute zorg) en 'Mitz' (een online toestemmingsvoorziening) mogen wegens bewezen nut worden voortgezet. In plaats van te blijven hopen op een allesomvattende, generieke totaaloplossing, moet het ministerie overstappen op een kort-cyclische aanpak waarin concrete, tastbare IT-belemmeringen in de dagelijkse zorgpraktijk stapsgewijs worden weggenomen.
VWS heft programma op en kiest voor harde lijn
In een officiële reactie aan de Tweede Kamer laat minister Sterk (Langdurige Zorg, Jeugd en Sport) weten de conclusies van het college serieus te nemen, maar plaatst zij ook een kanttekening. Volgens de bewindspersoon was het onderzoek gebaseerd op de situatie tussen september 2025 en februari 2026. Inmiddels zouden recente technische proeven en hackatons hebben aangetoond dat de basisfuncties technisch wél werken.
Toch volgt het ministerie het stopadvies grotendeels op: het programma IGF wordt per 1 juli 2026 officieel opgeheven. De focus verschuift naar de zogeheten 'tranche-aanpak', waarbij samen met het zorgveld per specifiek zorgproces wordt gekeken welke IT-koppelingen nodig zijn.
De minister kondigt tegelijkertijd een koerswijziging aan waarbij de vrijblijvendheid voor de zorgsector definitief verleden tijd is. Waar voorheen werd gezocht naar brede consensus, zal VWS voortaan besluiten nemen op basis van 'consent' (instemming zonder dat iedereen het voor 100 procent eens hoeft te zijn). Via de nieuwe Stelselwet Gezondheidsinformatiestelsel (GIS), die onlangs in consultatie is gegaan, krijgt het ministerie wettelijke doorzettingsmacht. Dit betekent dat zorgaanbieders en softwareleveranciers straks verplicht worden om aan uniforme, nationale aansluitvoorwaarden te voldoen. Bestaande, niet-cooperatieve ICT-systemen zullen in de nabije toekomst verplicht moeten worden aangepast of uitgefaseerd. Na het zomerreces gaat het ministerie met het zorgveld in gesprek om de nieuwe, dwingende strategie te evalueren.