E-mailinfrastructuur steeds afhankelijker van Google Workspace en Microsoft 365
Uit een langjarig data-onderzoek van Artem Berezin (Live Direct Marketing) naar het e-mailgebruik van de top één miljoen Tranco-domeinen blijkt dat het landschap van inkomend e-mailverkeer in snel tempo consolideert. Waar in 2016 nog 44,6 procent van de grote websites een eigen e-mailserver draaide (self-hosting), is dat aandeel medio 2026 gedaald naar 22,4 procent.
De analyse, gebaseerd op dagelijkse DNS-snapshots van het Twentse onderzoeksproject OpenINTEL (Universiteit Twente, SURF en SIDN Labs), schetst een helder beeld van drie grote trends in de e-mailinfrastructuur: extreme centralisatie, haperende DMARC-handhaving en een hardnekkige 'long tail' van onbekende mailservers.
1. Het grote vertrek bij eigen mailservers
De daling in het zelf hosten van e-mailservers is voornamelijk toe te schrijven aan de overstap naar twee grote techgiganten. Google Workspace ontvangt inmiddels e-mail voor 21,8 procent van de gemeten topdomeinen, terwijl Microsoft 365 volgt met 16,8 procent. Samen beheren de twee concerns 38,6 procent van de inkomende e-mail voor de populairste websites ter wereld.
Geen enkele andere aanbieder komt in de buurt; de nummer drie op de lijst, beveiligingsbedrijf Proofpoint, blijft steken op een marktaandeel van 1,9 procent. Volgens de onderzoeker brengt deze centralisatie risico's met zich mee voor de wendbaarheid en weerbaarheid van het internet. Een storing of beleidswijziging bij Google of Microsoft heeft direct impact op meer dan een derde van het wereldwijde e-mailverkeer.
2. DMARC: Wel geïmplementeerd, niet gehandhaafd
Hoewel 458.467 domeinen in de dataset een DMARC-record publiceren (een beveiligingsstandaard tegen e-mailspoofing en phishen), dwingt slechts 46,9 procent daarvan daadwerkelijk beveiliging af via strikt beleid (p=quarantine of p=reject).
De overige domeinen gebruiken voornamelijk een 'p=none'-beleid, waarmee ontvangers worden gevraagd geen actie te ondernemen bij gefaalde authenticatie. Het meest voorkomende DMARC-record in de dataset is de standaardinvoering v=DMARC1; p=none;, die door meer dan 58.000 domeinen letterlijk is overgenomen. De strengere eisen die grote partijen zoals Google en Yahoo in 2024 instelden, hebben het aantal gepubliceerde records weliswaar doen stijgen, maar domeineigenaren laten het instellen van actieve handhaving massaal afweten.
3. De onmeetbare 'long tail'
Ondanks de dominantie van Big Tech bevindt een aanzienlijk deel van het e-maillandschap zich in de marge. Berezin identificeerde meer dan 36.000 unieke MX-hostnamen die niet maten met bekende commerciële e-mailproviders. Deze categorie bestaat uit regionale hostingpartijen, eigen Exim- en Postfix-servers en zakelijke gateways met aangepaste domeinnamen.
Het onderzoek toont aan dat e-mail in rap tempo het pad van DNS en CDN-netwerken volgt: een steeds groter deel van de digitale infrastructuur leunt op een handjevol dominante spelers, terwijl de rest van het internet moeite heeft om aan de strengere beveiligings- en afleveringseisen te voldoen.