AI-koers kabinet: Markt moet miljardenfabrieken zelf betalen
Het kabinet blokkeert vooralsnog de directe financiële deelname aan grootschalige Europese ‘AI-gigafabrieken’. Hoewel de Europese Commissie aandringt op gezamenlijke miljardeninvesteringen in supercomputers voor kunstmatige intelligentie, laat staatssecretaris Aerdts (Digitale Economie) de Kamer weten dat er in de huidige begroting simpelweg geen ruimte is voor dergelijke verplichtingen.
Met dit besluit kiest Nederland voor een opvallend voorzichtige koers in de mondiale AI-wedloop. Waar Brussel droomt van gigantische rekencentra die de afhankelijkheid van Amerikaanse techreuzen als Nvidia en Microsoft moeten verkleinen, zet Den Haag in op de markt en kleinschalige innovatie.
De argumenten: geld, stroom en nut
Het kabinet baseert zich onder meer op onderzoek van bureau Ecorys. De belangrijkste bezwaren op een rij:
- Financiële gaten: Er is geen budget om nu al grootschalige rekencapaciteit vooruit te reserveren bij toekomstige Europese fabrieken.
- Fysieke grenzen: Een gigafabriek verbruikt enorme hoeveelheden stroom en ruimte. In een land dat kampt met een overbelast elektriciteitsnet (netcongestie) en schaarse grond, is de inpassing van zo’n 'stroomslurper' complex.
- Vraagtekens bij nut: Het is onzeker of Nederlandse partijen op korte termijn wel behoefte hebben aan de extreme rekenkracht van een gigafabriek. Voor de meeste toepassingen volstaan kleinere faciliteiten.
Drie sporen: Groningen voorop
Het kabinet laat de AI-boot echter niet volledig varen en kiest voor een gefaseerde aanpak langs drie lijnen. Allereerst wordt er 200 miljoen euro geïnvesteerd in een eigen 'AI-fabriek' in Groningen. Dit is een publiek-private samenwerking, mede gefinancierd door de EU, die onderzoekers en bedrijven toegang moet bieden tot gespecialiseerde supercomputers.
Daarnaast wil het kabinet dat de markt het zware werk doet. Private partijen die zelf gigafabrieken willen bouwen in Nederland zijn welkom, mits ze binnen de regels passen. Tot slot blijft Nederland aangesloten bij het Europese netwerk EuroHPC, waardoor Nederlandse bedrijven in de toekomst per gebruik kunnen betalen voor Europese rekenkracht, zonder vooraf miljarden te committeren.
Blik op de toekomst: Fotonica
Opvallend is de focus op alternatieve technologieën. Het kabinet ziet meer heil in Nederlandse sterktes zoals fotonica (chips die werken op licht in plaats van stroom) en edge-computing. Deze technologieën zijn energiezuiniger en sneller, wat cruciaal is voor de Nederlandse industrie en robotica.
De boodschap van staatssecretaris Aerdts is helder: Nederland wil een sterke positie in de AI-wereld, maar weigert een blinde cheque uit te schrijven voor Europese megaprojecten terwijl de eigen infrastructuur onder druk staat. De oorlog om AI wordt voorlopig niet met Nederlandse miljarden beslecht, maar met Groningse nuchterheid en innovatieve chips.