Wet tegen ongewenste overnames effectief volgens evaluatie
De wetten die de nationale veiligheid moeten beschermen tegen ongewenste zeggenschap in Nederlandse bedrijven, werpen hun vruchten af. Uit een externe evaluatie van de Wet ongewenste zeggenschap telecommunicatie (WOZT) en de Wet vifo blijkt dat de preventieve werking van deze regels groot is. Dit schrijft voormalig minister Vincent Karremans (Economische Zaken) in een brief aan de Tweede Kamer.
Het onderzoek, uitgevoerd door SEO Economisch Onderzoek en de Universiteit Leiden, concludeert dat beide wetten hun doel — het beperken van ongewenste invloed van buitenlandse partijen — waarschijnlijk bereiken. Vooral de WOZT, die sinds 2020 van kracht is voor de telecomsector, werkt sterk ontmoedigend: partijen met een risicoprofiel zien vaak vooraf al af van investeringen, waardoor daadwerkelijk ingrijpen door de overheid zelden nodig is.
Cloudsector onder de loep
Een belangrijk discussiepunt in het rapport is of clouddiensten ook onder de strikte telecomwet moeten vallen. Hoewel de Nederlandse markt wordt gedomineerd door enkele Amerikaanse reuzen (75% tot 90% marktaandeel), zijn er ook kleinere Nederlandse spelers die vitale diensten leveren.
Minister Karremans laat een besluit hierover over aan een volgend kabinet. Voor de grote niet-Europese spelers lijkt de wet minder effectief, maar voor de bescherming van specifieke Nederlandse cloud-aanbieders kan de WOZT mogelijk wel een rol spelen.
De Wet vifo: Rust in de markt
De Wet veiligheidstoets investeringen, fusies en overnames (Wet vifo), die pas sinds juni 2023 actief is, werd tussentijds geëvalueerd.
- Doel bereikt: De wet beheerst risico's bij overnames van vitale aanbieders effectief.
- Beperkte neveneffecten: De onderzoekers stellen vast dat de impact op het algemene investeringsklimaat tot nu toe meevalt.
- Toekomst: De wet zal mogelijk worden aangepast om aan te sluiten bij nieuwe EU-regels (de FDI-verordening) en de komende Wet weerbaarheid kritieke entiteiten.
Instrumentarium voor veiligheid
Het kabinet ziet de investeringstoetsen als een onmisbaar onderdeel van de economische veiligheid. "We bezien constant of deze instrumenten verbeterd kunnen worden," aldus de minister. Over twee jaar volgt een grotere, reguliere evaluatie van de Wet vifo.