AI versnelt de economie - maar volgt ons leiderschap wel?
Technologie heeft altijd bepaald hoe we werken. Het verschil vandaag de dag zit echter in de snelheid waarmee die verandering plaatsvindt. De vooruitgang in AI versnelt de wereld van werk in een tempo dat de meeste organisaties en individuen nog nauwelijks kunnen bevatten. Krantenkoppen richten zich dan ook vaak op de dreiging van het verdwijnen van functies, en de zorgen dat jongere generaties moeite zullen hebben om de arbeidsmarkt te betreden, maar er is veel minder aandacht voor de kansen die deze ontwikkeling biedt. Dit schrijft Mark Dixon, CEO en oprichter van International Workplace Group (IWG).
Zelf ben ik al vijf decennia actief in het bedrijfsleven, waarvan iets meer dan de helft in een analoge wereld. Ik herinner me nog levendig de opkomst van e-mail, meer dan twintig jaar geleden. In de meeste gevallen overleefden bedrijven die diep sceptisch waren en vasthielden aan het oude en vertrouwde de overgang niet. De vooruitgang ging zonder hen verder.
Vandaag bevinden we ons opnieuw op zo’n kantelpunt.
AI verhoogt de productiviteit nu al, opent geheel nieuwe carrièrepaden en daagt de status quo uit. Toch lijkt Nederland er nog maar beperkt gebruik van te maken. Nederland heeft met 10,9 AI-professionals per 10.000 inwoners de hoogste AI-talentdichtheid van Europa (Techleap, State of Dutch Tech 2026), maar volgens ander recent onderzoek bevindt een groot deel van de Nederlandse organisaties zich nog in de experimenteerfase. Slechts 8% heeft AI organisatiebreed ingezet (InSpark, 2025). Dat laat zien dat er ruimte is voor versnelling.
Leiderschap bepaalt het verschil
Veel gesprekken over AI op dit moment worden gedomineerd door angst. Volgens een recent onderzoek van het World Economic Forum verwacht meer dan de helft van de bedrijfsleiders dat AI banen zal verdringen. Tegelijkertijd zien we dat volgens onderzoek van Mercer internationaal slechts 25% van de CEO's met medewerkers in gesprek is gegaan over de precieze impact van AI op hun organisatie. Een gebrek aan communicatie lijkt deze angst rondom AI te vergroten, en dat kan op zijn beurt leiden tot lagere productiviteitscijfers (Mercer, 2026). De uitdaging lijkt daarmee minder in de technologie zelf te liggen en meer in hoe de leiders vandaag hier richting aan geven.
De wet van Moore en exponentiële vooruitgang
Om te begrijpen wat hier speelt, is het de moeite waard om terug te kijken. Begin jaren zeventig bracht Intel de 4004 uit, ’s werelds eerste commerciële microprocessor. Kort daarna merkte Intel-medeoprichter Gordon Moore iets opvallends op: het aantal transistors op een chip leek ruwweg elke twee jaar te verdubbelen. Vooruitgang was niet lineair, maar exponentieel. Wie twee jaar wachtte, kreeg geen kleine upgrade, maar een enorme sprong voorwaarts.
Als het om AI gaat, gebeurt hetzelfde. We behandelen het vaak als een bescheiden efficiëntietool, terwijl het in werkelijkheid deel uitmaakt van een exponentiële curve. Exponentiële verandering verandert niet alleen banen, maar ook de snelheid van het bedrijfsleven zelf.
Ik heb dit eerder meegemaakt. Met de opkomst van e-mail herinner ik me gerenommeerde bedrijven die erop stonden dat ze het nooit zouden adopteren. Ze vertrouwden het niet. Ze zeiden dat de postdienst al eeuwenlang werkte, dus waarom veranderen? Maar e-mail was vooruitgang. Zodra e-mail, smartphones en internet effectief werden gebruikt, versnelde het bedrijfsleven enorm. AI zal hetzelfde doen. De geschiedenis laat zien dat organisaties die afwachten het risico lopen achter te blijven.
De aanname die veel organisaties maken, is dat het bedrijfsleven in hetzelfde tempo blijft bewegen, maar dan met minder mensen. Die aanname blijkt in de praktijk niet houdbaar. Wanneer individuen tien of twintig keer meer werk per dag kunnen verzetten, staan organisaties niet stil—ze verruimen wat mogelijk is. Technologische verschuivingen hebben economische activiteit niet verminderd, maar opnieuw vormgegeven. Ook in Nederland wordt steeds duidelijker dat de volgende stap ligt in opschaling en implementatie.
AI is niet het einde van werk — het is het begin van beter werk
De praktijk laat inmiddels een ander beeld zien. Steeds vaker zien we jongere medewerkers die oudere collega’s leren hoe ze AI-tools kunnen gebruiken die het moderne werk herdefiniëren. Uit onderzoek van International Workplace Group (IWG) blijkt dat Gen Z-medewerkers een cruciale rol spelen bij het stimuleren van AI-adoptie. Bijna twee derde van de jongere werknemers helpt actief oudere collega’s bij het leren en gebruiken van AI-tools. Dit omgekeerde mentorschap levert concrete productiviteits- en samenwerkingsvoordelen op.
Daarnaast versnelt AI-ondersteund leren de kennisopbouw drastisch, of het nu in de klas, op de universiteit of op de werkvloer is. Jongeren doorlopen de leercurve sneller dan ooit tevoren. En door routinewerk weg te nemen, ontstaat juist ruimte voor wat mensen onderscheidt: creatief denken, problemen oplossen en nieuwe ideeën ontwikkelen.
In een AI-wereld hebben zelfstarters een streepje voor
Een van de kwaliteiten waar ik in toekomstig talent naar zoek, is het vermogen om AI effectief te gebruiken en te begrijpen hoe dit het potentieel van een organisatie kan versterken. Medewerkers die AI-vaardig zijn, hebben een voorsprong en groeien vaak sneller door. Dat is precies de energie die organisaties nodig hebben.
Jongeren doen er goed aan vooruit te denken en zichzelf af te vragen: “Waar doe ik de beste carrière-ervaring op in deze nieuwe wereld?” en “Heb ik de vaardigheden die toekomstige bedrijven zullen waarderen?” In het verleden leerden ambitieuze medewerkers ’s avonds programmeren of behaalden ze extra kwalificaties naast hun werk. Die mentaliteit is nu belangrijker dan ooit. Vertrouw niet alleen op onderwijsinstellingen om je voor te bereiden. Zoek een AI-community, sluit je aan bij een netwerk en leer jezelf de tools die industrieën transformeren. Neem het voortouw en verantwoordelijkheid voor je eigen ontwikkeling.
Nu is het moment
Elke grote technologische verschuiving volgt hetzelfde patroon: velen klampen zich vast aan het bekende, terwijl een kleinere groep zich vroeg aanpast en daar de vruchten van plukt. Wat dit moment anders maakt, is de snelheid waarmee het gebeurt. Dat geldt voor zowel organisaties als individuen. De winnaars zijn de bedrijven die AI niet alleen zien als efficiëntietool, maar ook bewust nadenken over hoe de gewonnen tijd wordt ingezet. En de winnaars onder individuen zijn degenen die nu al leren, experimenteren en zich voorbereiden, in plaats van te wachten tot school of werkgever het voordoet.
AI is een fundamentele technologie; geen verre mogelijkheid of voorbijgaande trend, maar de motor achter schaal en concurrentievoordeel. De geschiedenis is hier duidelijk over: in periodes van exponentiële verandering winnen degenen die het eerst bewegen het meest. Voor Nederland onderstreept dit hoe essentieel het is om tijdig mee te bewegen, of je nu een organisatie leidt of net de arbeidsmarkt betreedt.
Door: Mark Dixon, CEO en oprichter van International Workplace Group (IWG)